08.4 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling in de geconsolideerde jaarrekening
Algemeen
De onderneming, gevestigd te Joure, op de Edisonweg 5 met KvK nummer 807807928, is een besloten vennootschap, waarvan de aandelen voor 100% in het bezit zijn van de Vereniging HZPC.
De voornaamste activiteiten van de groep concentreren zich rond het product de aardappel en omvatten:
- onderzoek;
- het veredelen en kweken van rassen;
- het (doen) telen, verhandelen en distribueren van poot- en consumptieaardappelen;
- het verrichten van alle overige handelingen op commercieel, industrieel en financieel gebied;
- het ontwikkelen van concepten.
De aangesloten telers verbinden zich aan de onderneming door de door hun geteelde aardappelen te leveren aan de onderneming en ontvangen hierover een uitbetaling. De onderneming verbindt zich de door de teler geleverde oogstopbrengst te verkopen en ontvangt hier een vergoeding voor. Er wordt door de meeste telers in poolverband geteeld. Daarnaast worden er afzonderlijke afspraken met telers gemaakt.
Algemene grondslagen voor de geconsolideerde jaarrekening.
Verslaggevingsperiode
Deze jaarrekening is opgesteld uitgaande van een verslaggevingsperiode van een jaar wat loopt vanaf 1 juli tot en met 30 juni van het volgende jaar.
Toegepaste standaarden
De jaarrekening is opgesteld volgens de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek in Nederland. De jaarrekening is opgemaakt op 30 oktober 2025.
De grondslagen die worden toegepast voor de waardering van activa en passiva en de resultaatbepaling zijn gebaseerd op historische kosten.
Toepassing van Artikel 402 Boek 2 BW
De financiële gegevens van de onderneming zijn in de geconsolideerde jaarrekening verwerkt. Derhalve vermeldt de enkelvoudige winst-en-verliesrekening conform artikel 402 Boek 2 BW slechts het aandeel in het resultaat na belastingen van vennootschappen waarin wordt deelgenomen na belastingen en het overige resultaat na belastingen.
Continuïteit
Het management beoordeelt continu de beschikbare informatie en de risico's, om passende maatregelen te nemen indien nodig. Het management heeft de afgelopen jaren ook geleerd dat Royal HZPC Group B.V. een veerkrachtige onderneming is. Dat we crisis het hoofd weten te bieden en kunnen meebewegen met een markt die continu verandert. Een grote kracht van HZPC is dat onze basis niet op één continent ligt, maar dat we als aardappelveredelaar en handelshuis een wereldspeler zijn. Waar nu Europa en een deel van het Midden-Oosten te maken hebben met instabiliteit, zijn er ook talloze kansen in groeimarkten als India, China en Afrika. Daarnaast groeien we in Amerika.
De financiering die we beschikbaar hebben is voldoende om toekomstige reguliere fluctuaties en verstoringen op te vangen. Het management monitort continu de ontwikkeling van de omzet en de kosten om goed zicht te houden op de ontwikkeling van de liquiditeiten. Daarnaast worden er analyses uitgevoerd om op tijd aanvullende maatregelen te kunnen nemen. Op basis van de door het management uitgevoerde analyses en de huidige resultaten en financieringspositie van de onderneming is de jaarrekening opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling. Op basis van geactualiseerde prognose in september 2025 verwachten we in ieder geval voldoende financiering beschikbaar te hebben tot en met maart 2028 en in compliance te zijn met de convenanten van de bank.
De financieringsovereenkomst loopt tot en met 6 maart 2027 met een optie van het twee maal met een jaar te verlengen.
Algemene waardering
De cijfers over 2023/2024 zijn geherrubriceerd teneinde vergelijkbaarheid met 2024/2025 mogelijk te maken, deze
herrubriceringen hebben geen impact op het vermogen en resultaat van het boekjaar. Het betreft de volgende
herrubricering voor Royal HZPC Group B.V. , de enkelvoudige balans:
- herrubricering van kortlopende schulden - schulden aan groepsmaatschappijen (+ EUR 458.000)
- herrubricering van voorzieningen - voorziening jubilea (-/- EUR 76.000)
- herrubricering van overige schulden - te betalen lonen en salarissen (-/- EUR 96.000)
- herrubricering van overige schulden - vakantiedagen en vakantiegeld (-/- EUR 286.000)
Een actief wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen naar de onderneming zullen toevloeien en de waarde daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld. Een verplichting wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de afwikkeling daarvan gepaard zal gaan met een uitstroom van middelen die economische voordelen in zich bergen en de omvang van het bedrag daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld.
Baten worden in de winst-en-verliesrekening opgenomen wanneer een vermeerdering van het economisch potentieel, samenhangend met een vermeerdering van een actief of een vermindering van een verplichting, heeft plaatsgevonden, waarvan de omvang betrouwbaar kan worden vastgesteld. Lasten worden verwerkt wanneer een vermindering van het economisch potentieel, samenhangend met een vermindering van een actief of een vermeerdering van een verplichting, heeft plaatsgevonden, waarvan de omvang betrouwbaar kan worden vastgesteld.
Indien een transactie ertoe leidt dat nagenoeg alle of nagenoeg alle toekomstige economische voordelen en alle of nagenoeg alle risico’s met betrekking tot een actief of verplichting aan een derde zijn overgedragen, wordt het actief of de verplichting niet langer in de balans opgenomen. Verder worden activa en verplichtingen niet meer in de balans opgenomen vanaf het tijdstip waarop niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden van waarschijnlijkheid van de toekomstige economische voordelen en/of betrouwbaarheid van de bepaling van de waarde.
De opbrengsten en kosten worden toegerekend aan de periode waarop zij betrekking hebben. Opbrengsten worden verantwoord indien alle belangrijke risico’s met betrekking tot de pootaardappelen en consumptieaardappelen zijn overgedragen aan de koper.
Licenties worden als opbrengsten verantwoord wanneer derden van het recht om activa van de onderneming te gebruiken gebruik hebben gemaakt.
De jaarrekening wordt gepresenteerd in euro’s, de functionele valuta van de onderneming. Alle financiële informatie is in euro’s afgerond op het dichtstbijzijnde duizendtal, tenzij anders aangegeven.
Gebruik van schattingen
De opstelling van de jaarrekening vereist dat het management oordelen vormt en schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van grondslagen en de gerapporteerde waarde van activa en passiva, en van baten en lasten. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend beoordeeld. Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en in toekomstige perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft.
De waarderingsgrondslag bij de post debiteuren en immateriële vaste activa (bijzondere waardevermindering) is naar de mening van het management het meest kritisch voor het weergeven van de financiële positie en vereisen schattingen en veronderstellingen. Met betrekking tot de post debiteuren is een kritische veronderstelling het kredietrisico welke afhankelijk is van de afnemer, geografische regio en economische omstandigheden.
Grondslagen voor consolidatie
De geconsolideerde jaarrekening omvat de financiële gegevens van de onderneming en haar groepsmaatschappijen. Groepsmaatschappijen zijn rechtspersonen en vennootschappen waarin overheersende zeggenschap wordt uitgeoefend. Hierbij worden mede in aanmerking genomen de financiële instrumenten die potentiële stemrechten bevatten indien deze economische betekenis hebben.
Voor een overzicht van de geconsolideerde groepsmaatschappijen wordt verwezen naar de Tabel deelnemingen (pag. 71).
Nieuw verworven deelnemingen worden in de consolidatie betrokken vanaf het tijdstip waarop beleidsbepalende invloed kan worden uitgeoefend. Afgestoten deelnemingen worden in de consolidatie betrokken tot het tijdstip van beëindiging van deze invloed. Joint ventures worden niet meegeconsolideerd maar gewaardeerd tegen nettovermogenswaarde.
Toelichting op de consolidatiemethode
De posten in de geconsolideerde jaarrekening worden opgesteld volgens uniforme grondslagen van waardering en resultaatbepaling van de groep.
In de geconsolideerde jaarrekening zijn de onderlinge schulden, vorderingen en transacties geëlimineerd, evenals de binnen de groep gemaakte resultaten. Indien transacties met een niet-geconsolideerde deelneming, die niet kwalificeert als groepsmaatschappij en wordt gewaardeerd volgens de vermogensmutatiemethode, plaatsvinden wordt de winst of het verlies voortvloeiend uit deze overdracht naar rato van het relatieve belang dat derden hebben verwerkt (proportionele resultaatsbepaling). Een verlies dat voortvloeit uit de overdracht van vlottende activa of een bijzondere waardevermindering van vaste activa wordt volledig verwerkt.
De groepsmaatschappijen zijn integraal geconsolideerd, waarbij het minderheidsbelang van derden afzonderlijk tot uitdrukking is gebracht. Indien de aan het minderheidsbelang van derden toerekenbare verliezen het minderheidsbelang in het eigen vermogen van de geconsolideerde maatschappij overtreffen, dan wordt het verschil, alsmede eventuele verdere verliezen, volledig ten laste van de meerderheidsaandeelhouder gebracht. Het aandeel van derden in het resultaat wordt afzonderlijk als laatste post in de geconsolideerde winst- en verliesrekening in aftrek op het groepsresultaat gebracht.
Deelnemingen (direct en indirect) per 30 juni 2025
Royal HZPC Group B.V. te Joure, is de moedermaatschappij van een groep met de volgende deelnemingen:
| HZPC SBA Europe B.V. met haar deelnemingen: | |
|---|---|
| Geconsolideerd: | Belang: |
| HZPC SBA Europe B.V. te Joure, Nederland | 100% |
| HZPC Holland B.V., te Joure, Nederland | 100% |
| ZOS B.V. te Leeuwarden, Nederland | 100% |
| met haar deelneming: | |
| ZOS WEHE B.V., te Wehe-den Hoorn, Nederland | 100% |
| HZPC Belgium B.V., te Emmeloord, Nederland | 100% |
| HZPC Deutschland GmbH, te Eydelstedt, Duitsland | 100% |
| HZPC France SAS, te La Chapelle d’Armentieres, Frankrijk | 100% |
| HZPC Kantaperuna Oy, te Tyrnävä, Finland | 100% |
| Patatas HZPC España S.L., te Torrent, Spanje | 100% |
| HZPC Portugal Lda, te Mira, Portugal | 100% |
| HZPC UK Ltd., te Crowle Scunthorpe, Verenigd Koninkrijk | 100% |
| met haar deelneming: | |
| TLC Potatoes Ltd., te Banchory, Verenigd Koninkrijk | 100% |
| HZPC Polska Sp. z o.o., te Poznan, Polen | 100% |
| AO HZPC Sadokas, te Sint Petersburg, Rusland | 100% |
| HZPC SBDA B.V. met haar deelnemingen: | |
|---|---|
| Geconsolideerd: | Belang: |
| HZPC SBDA B.V. te Joure, Nederland | 100% |
| HZPC Americas Corp., te Charlottetown, Canada | 100% |
| HZPC América Latina S.A., te Buenos Aires, Argentinië | 100% |
| Inner Mongolia HZPC Potato Science and Technology Development Co. Ltd., te Duolun, China | 100% |
| HZPC Ltd, te Hongkong, China | 100% |
| HZPC China Ltd, te Hongkong, China | 100% |
| Niet-geconsolideerd: | |
| Mahindra HZPC Ltd., te Chandigarh, India | 40,05% |
| Semillas SZ S.A., te Santiago, Chili | 20% |
| La Flor Limitada S.A., te Santiago, Chili | 20% |
| IPR B.V., te Joure, Nederland (geconsolideerd) | 100% |
| HZPC Research B.V., te Metslawier, Nederland (geconsolideerd) | 100% |
| STET Holland B.V. met haar deelnemingen: | |
|---|---|
| Geconsolideerd: | |
| STET Holland B.V., te Emmeloord, Nederland | 100% |
| STET Potato UK Ltd., te Lincoln, Verenigd Koninkrijk | 100% |
| STET France SARL, te Bapaume, Frankrijk | 100% |
| D.S.S. Opslag B.V., te Dronten, Nederland | 100% |
| N.V. Breeders Trust, te Brussel, België (niet geconsolideerd) | 21,7% |
|---|
| Royal HZPC Group B.V. heeft aansprakelijkheidsstelling overeenkomstig artikel BW 2:403 afgegeven voor IPR B.V. |
|---|
Transacties in vreemde valuta's
Transacties luidend in vreemde valuta’s worden in de betreffende functionele valuta van de groepsmaatschappijen omgerekend tegen de geldende wisselkoers op de transactiedatum. In vreemde valuta’s luidende monetaire activa en verplichtingen worden per balansdatum in de functionele valuta omgerekend tegen de op die datum geldende wisselkoers.
De bij omrekening en afwikkeling optredende valutakoersverschillen worden in de winst- en verliesrekening opgenomen in de periode dat zij zich voordoen, met uitzondering van de valutaverschillen op monetaire posten die deel uitmaken van de netto investering in een bedrijfsuitoefening in het buitenland. Niet monetaire activa en passiva in vreemde valuta’s die tegen historische kostprijs worden opgenomen, worden naar euro’s omgerekend tegen de geldende wisselkoersen op de transactiedatum. De bij omrekening optredende valutakoersverschillen worden als last in de winst- en verliesrekening opgenomen.
Bedrijfsuitoefening in het buitenland
De activa en verplichtingen van bedrijfsuitoefening in het buitenland, met inbegrip van goodwill en bij consolidatie ontstane reële waardecorrecties, worden in euro’s omgerekend tegen de geldende koers per balansdatum. De opbrengsten en kosten van buitenlandse activiteiten worden in euro’s omgerekend tegen de gemiddelde wisselkoers gedurende het boekjaar.
Valutaomrekeningsverschillen worden verwerkt in de reserve omrekeningsverschillen. Bij afstoting van de bedrijfsuitoefening in het buitenland wordt het desbetreffende cumulatieve bedrag van de omrekeningsverschillen, dat is opgenomen in het eigen vermogen, in de winst- en verliesrekening verantwoord als onderdeel van het resultaat op verkoop .
Ontwikkeling belangrijkste valuta's
De ontwikkeling van de belangrijkste valuta's is als volgt:
| EUR 1 t.ov. vreemde valuta | Koers 30-06-2025 | Gem. koers | Koers 30-06-2024 |
|---|---|---|---|
| Canadese Dollar | 1,60 | 1,52 | 1,47 |
| Britse Pond | 0,86 | 0,84 | 0,85 |
| Poolse Zloty | 4,24 | 4,26 | 4,32 |
| Amerikaanse Dollar | 1,18 | 1,09 | 1,07 |
| Russische Roebel | 92,03 | 98,42 | 91,80 |
Financiële instrumenten
Onder financiële instrumenten worden zowel primaire financiële instrumenten zoals vorderingen, effecten en schulden, als financiële derivaten verstaan.
Financiële activa en financiële passiva worden in de balans opgenomen op het moment dat contractuele rechten of verplichtingen ten aanzien van dat instrument ontstaan. Een financieel instrument wordt niet langer in de balans opgenomen indien een transactie ertoe leidt dat alle of nagenoeg alle rechten op economische voordelen en alle of nagenoeg alle risico’s met betrekking tot de positie aan een derde zijn overgedragen. Financiële instrumenten (en afzonderlijke componenten van financiële instrumenten) worden in de geconsolideerde jaarrekening gepresenteerd in overeenstemming met de economische realiteit van de contractuele bepalingen. Presentatie vindt plaats op basis van afzonderlijke componenten van financiële instrumenten als financieel actief, financieel passief of als eigen vermogen.
In financiële en niet-financiële contracten kunnen afspraken zijn gemaakt die voldoen aan de definitie van derivaten. Een dergelijke afspraak wordt afgescheiden van het basiscontract en als derivaat verwerkt als zijn economische kenmerken en risico’s niet nauw verbonden zijn met die van het basiscontract, een afzonderlijk instrument met dezelfde voorwaarden zou voldoen aan de definitie van een derivaat, en het samengestelde instrument niet wordt gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening.
In contracten besloten financiële instrumenten die niet worden gescheiden van het basiscontract, worden verwerkt in overeenstemming met het basiscontract.
Van het basiscontract gescheiden derivaten worden, in overeenstemming met de waarderingsgrondslag voor derivaten waarop geen kostprijs hedge accounting wordt toegepast, gewaardeerd tegen kostprijs of lagere reële waarde.
Financiële instrumenten worden bij de eerste opname verwerkt tegen reële waarde, waarbij (dis)agio en de direct toerekenbare transactiekosten in de eerste opname worden meegenomen. Indien echter financiële instrumenten bij de vervolgwaardering worden gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardeveranderingen in de winst- en verliesrekening, worden direct toerekenbare transactiekosten bij de eerste waardering direct verwerkt in de winst-en-verliesrekening.
Na de eerste opname worden financiële instrumenten op de hierna beschreven manier gewaardeerd.
Rentecap en hedge-accounting
De onderneming maakt gebruik van twee rentecaps ter afdekking van het risico van een stijging van de rente die wordt betaald over het bankkrediet.
De onderneming past kostprijshedge-accouting toe op basis van individuele documentatie per rentecap. De rentecap wordt tegen kostprijs gewaardeerd en afgeschreven over de looptijd van de rentecap ten laste van de rentelasten.
Op elke balansdatum wordt bepaald of sprake is of is geweest van ineffectiviteit. Indien en voor zover de ineffectiviteit per balansdatum op cumulatieve basis in een verlies resulteert, wordt de ineffectiviteit onder de rentelasten verwerkt in de winst-en-verliesrekening.
Handelsportefeuille
Indien de onderneming financiële instrumenten heeft verworven of is aangegaan met het doel het instrument op korte termijn te verkopen, maken deze deel uit van de handelsportefeuille en worden deze na eerste opname gewaardeerd tegen reële waarde met verwerking van waardewijzigingen in de winst- en verliesrekening.
Verstrekte leningen en overige vorderingen
Verstrekte leningen en overige vorderingen worden na eerste opname gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode, verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen.
Kortlopende schulden en overige financiële verplichtingen
Langlopende en kortlopende schulden en overige financiële verplichtingen worden na eerste opname gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieverentemethode.
De aflossingsverplichtingen voor het komend jaar van de langlopende schulden worden opgenomen onder kortlopende schulden.
Bijzondere waardeverminderingen financiële activa
Een financieel actief of een groep van financiële activa, wordt op iedere verslagdatum beoordeeld om te bepalen of er objectieve aanwijzingen bestaan dat het actief een bijzondere waardevermindering heeft ondergaan. Een financieel actief wordt geacht onderhevig te zijn aan een bijzondere waardevermindering indien er objectieve aanwijzingen zijn dat na de eerste opname van het actief zich een gebeurtenis heeft voorgedaan die een negatief effect heeft gehad op de verwachte toekomstige kasstromen van dat actief en waarvan een betrouwbare schatting kan worden gemaakt.
Objectieve aanwijzingen dat financiële activa onderhevig zijn aan een bijzondere waardevermindering omvatten het niet nakomen van betalingsverplichtingen en achterstallige betaling door een debiteur, herstructurering van een aan de onderneming toekomend bedrag onder voorwaarden die de onderneming anders niet zou hebben overwogen, aanwijzingen dat een debiteur of emittent failliet zal gaan, en het verdwijnen van een actieve markt voor een bepaald effect.
Daarnaast worden subjectieve indicatoren samen met objectieve aanwijzingen voor bijzondere waardevermindering overwogen. Voorbeelden hiervan zijn het wegvallen van actieve markten in het geval van financiële activa met een beursnotering, een verlaging van de kredietwaardigheid van de andere partij zijnde de rechtspersoon of schuldenaar van het uitgegeven instrument of een daling van de reële waarde van een financieel actief beneden de kostprijs of geamortiseerde kostprijs.
Een bijzonder waardeverminderingsverlies met betrekking tot een tegen geamortiseerde kostprijs gewaardeerd financieel actief wordt berekend als het verschil tussen de boekwaarde en de contante waarde van de verwachte toekomstige kasstromen, gedisconteerd tegen de oorspronkelijke effectieve rente van het actief. Verliezen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening. Rente op het aan een bijzondere waardevermindering onderhevige actief blijft verantwoord worden via oprenting van het actief met de oorspronkelijke effectieve rente van het actief.
Als in een latere periode de waarde van het actief, onderhevig aan een bijzondere waardevermindering, stijgt en het herstel objectief in verband kan worden gebracht met een gebeurtenis die plaatsvond na de opname van het bijzondere waardeverminderingsverlies, wordt het bedrag uit hoofde van het herstel (tot maximaal de oorspronkelijke kostprijs) opgenomen in de winst- en verliesrekening.
Saldering van financiële instrumenten
Een financieel actief en een financiële verplichting worden gesaldeerd als de onderneming beschikt over een deugdelijk juridisch instrument om het financieel actief en de financiële verplichting gesaldeerd af te wikkelen en de onderneming het stellige voornemen heeft om het saldo als netto of simultaan af te wikkelen.
Als er sprake is van een overdracht van een financieel actief dat niet voor verwijdering uit de balans in aanmerking komt, wordt het overgedragen actief en de daarmee samenhangende verplichting niet gesaldeerd.
Grondslagen voor waardering activa en passiva
Immateriële vaste activa
De immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs of vervaardigingsprijs verminderd met cumulatieve afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De uitgaven na eerste verwerking van een gekocht of zelf vervaardigd immaterieel vast actief worden toegevoegd aan de verkrijgings- of vervaardigingsprijs als het waarschijnlijk is dat de uitgaven zullen leiden tot een toename van de verwachte toekomstige economische voordelen en de uitgaven en de toerekening aan het actief op betrouwbare wijze kan worden vastgesteld. Als niet wordt voldaan aan de voorwaarden worden de uitgaven verantwoord als kosten in de winst- en verliesrekening.
Goodwill
Goodwill wordt bepaald als het positieve verschil tussen de verkrijgingsprijs van de deelnemingen (inclusief direct aan de overname gerelateerde transactiekosten) en het belang van de groep in de netto reële waarde van de overgenomen identificeerbare activa en de passiva van de overgenomen deelneming, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen.
Goodwill betaald bij de acquisitie van buitenlandse groepsmaatschappijen en deelnemingen wordt omgerekend tegen de koers op de transactiedatum. De geactiveerde goodwill wordt lineair afgeschreven over de geschatte economische levensduur.
Als afschrijvingspercentage voor goodwill wordt 20% gehanteerd.
Ontwikkelingskosten (software)
Ontwikkelingskosten worden geactiveerd voor zover deze betrekking hebben op commercieel haalbaar geachte projecten (software). De ontwikkeling van een immaterieel vast actief wordt commercieel haalbaar geacht als het technisch uitvoerbaar is om het actief te voltooien, de onderneming de intentie heeft om het actief te voltooien en het vervolgens te gebruiken of te verkopen is (inclusief het beschikbaar zijn van adequate technische, financiële en andere middelen om dit te bewerkstelligen), de onderneming het vermogen heeft om het actief te gebruiken of te verkopen, het waarschijnlijk toekomstige economische voordelen zal genereren en de uitgaven gedurende de ontwikkeling betrouwbaar zijn vast te stellen.
Als afschrijvingspercentage voor ontwikkelingskosten wordt 10,0% - 33,33% gehanteerd.
Ontwikkelingskosten worden gewaardeerd tegen vervaardigingsprijs, verminderd met cumulatieve afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De vervaardigingsprijs omvat voornamelijk uit kosten van inhuur van consultants en de salariskosten van het betrokken personeel; de geactiveerde kosten worden na beëindiging van de ontwikkelingsfase (actief gereed voor ingebruikname) afgeschreven over de verwachte gebruiksduur, die drie tot tien jaar bedraagt. De afschrijving vindt plaats volgens de lineaire methode. De kosten voor onderzoek en de overige kosten voor ontwikkeling worden ten laste van het resultaat gebracht in de periode waarin deze zijn gemaakt. Voor het nog niet afgeschreven deel van de geactiveerde ontwikkelingskosten wordt een wettelijke reserve gevormd.
Materiële vaste activa
De bedrijfsgebouwen en -terreinen, machines en installaties en andere vaste bedrijfsmiddelen worden gewaardeerd tegen hun kostprijs, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en bijzondere waardeverminderingen. De kostprijs bestaat uit de verkrijgings- of vervaardigingsprijs en overige kosten om de activa op hun plaats en in de staat te krijgen noodzakelijk voor het beoogde gebruik. De kostprijs van de activa die door de onderneming in eigen beheer zijn vervaardigd, bestaat uit de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten die rechtstreeks kunnen worden toegerekend aan de vervaardiging.
Investeringssubsidies worden in mindering gebracht op de kostprijs van de activa waarop de subsidies betrekking hebben.
De afschrijvingen worden berekend als een percentage van de aanschafwaarde volgens de lineaire methode op basis van de economische levensduur rekening houdend met restwaarde. Op bedrijfsterreinen en activa in uitvoering wordt niet afgeschreven. Afschrijving start op het moment dat een actief beschikbaar is voor het beoogde gebruik en wordt beëindigd bij buitengebruikstelling of bij desinvestering.
De volgende afschrijvingspercentages worden hierbij gehanteerd:
| Bedrijfsgebouwen | 4% - 20% |
| Machines en installaties | 10% - 33,3% |
| Andere vaste bedrijfsmiddelen | 10% - 33,3% |
In de kostprijs worden de kosten van groot onderhoud opgenomen, zodra deze kosten zich voordoen en aan de activeringscriteria is voldaan. De boekwaarde van de te vervangen bestanddelen wordt dan als gedesinvesteerd beschouwd en ineens ten laste van de winst- en verliesrekening gebracht. Alle overige onderhoudskosten worden direct in de winst- en verliesrekening verwerkt.
Deelnemingen met invloed van betekenis
Deelnemingen waarin invloed van betekenis op het zakelijke en financiële beleid kan worden uitgeoefend, worden gewaardeerd volgens de vermogensmutatiemethode op basis van de nettovermogenswaarde. Indien waardering tegen nettovermogenswaarde niet kan plaatsvinden doordat de hiervoor benodigde informatie niet kan worden verkregen, wordt de deelneming gewaardeerd volgens het zichtbaar eigen vermogen.
Bij de vaststelling of er sprake is van een deelneming waarin de onderneming invloed van betekenis uitoefent op het zakelijke en financiële beleid, wordt het geheel van feitelijke omstandigheden en contractuele relaties (waaronder eventuele potentiele stemrechten) in aanmerking genomen.
Deelnemingen waarin de onderneming de zeggenschap gezamenlijk met andere deelnemers uitoefent (joint ventures), worden gewaardeerd volgens dezelfde methode.
Bij de bepaling van de nettovermogenswaarde worden de waarderingsgrondslagen van de onderneming gehanteerd. Indien de deelnemende rechtspersoon een actief of een passief overdraagt aan een deelneming die volgens de vermogensmutatiemethode wordt gewaardeerd, wordt de winst of het verlies voortvloeiend uit deze overdracht naar rato van het relatieve belang dat derden hebben in de deelnemingen verwerkt (proportionele resultaatbepaling). Een verlies dat voortvloeit uit de overdracht van vlottende activa of een bijzondere waardevermindering van vaste activa wordt wel volledig verwerkt. Resultaten op transacties waarbij overdracht van activa en passiva tussen de onderneming en haar deelnemingen en tussen deelnemingen onderling heeft plaatsgevonden, worden geëlimineerd voor zover deze als niet gerealiseerd kunnen worden beschouwd.
Deelnemingen met een negatieve nettovermogenswaarde worden op nihil gewaardeerd en aandeel in de winst van de deelneming in latere jaren wordt pas verwerkt als en voor zover het cumulatieve niet verwerkte aandeel in het verlies is ingelopen. Wanneer de onderneming echter geheel of ten dele garant staat voor de schulden van een deelneming, dan wel de feitelijke verplichting heeft de deelneming (voor haar aandeel) in staat te stellen tot betaling van haar schulden, wordt een voorziening gevormd ter grootte van de verwachte betalingen door de onderneming ten behoeve van de deelneming. De voorziening wordt primair ten laste van de vorderingen op de deelneming gevormd en voor het overige gepresenteerd onder de voorzieningen.
Deelnemingen zonder invloed van betekenis
Deelnemingen waarin geen invloed van betekenis wordt uitgeoefend, worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs of lagere realiseerbare waarde. lndien sprake is van een stellig voornemen tot afstoting vindt waardering plaats tegen de eventuele lagere verwachte verkoopwaarde. Resultaten uit transacties met en tussen deelnemingen die tegen verkrijgingsprijs worden gewaardeerd, worden volledig verantwoord tenzij zij in wezen niet zijn gerealiseerd. Dividenden van deelnemingen die worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs worden verantwoord in de periode waarin zij betaalbaar worden gesteld als opbrengst uit deelnemingen. Eventuele winsten of verliezen worden verantwoord onder financiële baten en lasten.
Overige financiële vaste activa
Bij de waardering van overige financiële vaste activa wordt verwezen naar de grondslagen bij de latente belastingen en financiële instrumenten. De overige effecten worden gewaardeeerd tegen geamortiseerde kostprijs.
Bijzondere waardeverminderingen
Voor materiële en immateriële vaste activa wordt op iedere balansdatum beoordeeld of er aanwijzingen zijn dat deze activa onderhevig zijn aan bijzondere waardeverminderingen. Als dergelijke indicaties aanwezig zijn, wordt de realiseerbare waarde van het actief geschat. De realiseerbare waarde is de hoogste van de bedrijfswaarde en de opbrengstwaarde.
Als het niet mogelijk is de realiseerbare waarde te bepalen voor een individueel actief, wordt de realiseerbare waarde bepaald van de kasstroomgenererende eenheid waartoe het actief behoort.
Wanneer de boekwaarde van een actief (of een kasstroom-genererende eenheid) hoger is dan de realiseerbare waarde, wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies verantwoord voor het verschil tussen de boekwaarde en de realiseerbare waarde. Indien sprake is van een bijzonder waardeverminderingsverlies van een kasstroomgenererende eenheid, wordt het verlies allereerst toegerekend aan goodwill die is toegerekend aan de kasstroomgenererende eenheid. Een eventueel restant verlies wordt toegerekend aan de andere activa van de eenheid naar rato van hun boekwaarden.
Verder wordt op iedere balansdatum beoordeeld of er enige indicatie is dat een in eerdere jaren verantwoord bijzonder waardeverminderingsverlies is verminderd. Als een dergelijke indicatie aanwezig is, wordt de realiseerbare waarde van het betreffende actief (of kasstroomgenererende eenheid) geschat. Terugneming van een eerder verantwoord bijzonder waardeverminderingsverlies vindt alleen plaats als sprake is van een wijziging van de gehanteerde schattingen bij het bepalen van de realiseerbare waarde sinds de verantwoording van het laatste bijzonder waardeverminderingsverlies. In dat geval wordt de boekwaarde van het actief (of kasstroomgenererende eenheid) opgehoogd tot de geschatte realiseerbare waarde, maar niet hoger dan de boekwaarde die bepaald zou zijn (na afschrijvingen) als in voorgaande jaren geen bijzonder waardeverminderingsverlies voor het actief (of kasstroomgenererende eenheid) zou zijn verantwoord.
Een bijzonder waardeverminderingsverlies voor goodwill wordt niet teruggenomen in een volgende periode. In afwijking van datgene wat hiervoor is gesteld, wordt op iedere balansdatum de realiseerbare waarde bepaald voor de volgende activa (ongeacht of er sprake is van aanwijzingen voor een bijzondere waardevermindering):
- immateriële vaste activa die nog niet in gebruik zijn genomen;
- immateriële vaste activa die worden afgeschreven over een levensduur van meer dan 20 jaar (gerekend vanaf het moment van ingebruikname).
De terugneming van een bijzonder waardeverminderingsverlies voor een kasstroomgenererende eenheid dient te worden toegerekend ter verhoging van de boekwaarde van de activa, niet zijnde goodwill op pro rato basis gebaseerd op de boekwaarden van de activa van de eenheid.
Verliezen worden opgenomen in de winst- en verliesrekening. Rente op het aan een bijzondere waardevermindering onderhevige actief blijft verantwoord worden via oprenting van het actief met de oorspronkelijke effectieve rente van het actief.
Vervreemding van vaste activa
Voor verkoop beschikbare vaste activa worden gewaardeerd tegen boekwaarde of lagere opbrengstwaarde.
Voorraden
Voorraden worden gewaardeerd tegen kostprijs of lagere opbrengstwaarde. De kostprijs bestaat uit de verkrijgings- of vervaardigingsprijs, vermeerderd met overige kosten om de voorraden op hun huidige plaats en in hun huidige staat te brengen. De opbrengstwaarde is gebaseerd op de meest betrouwbare schatting van het bedrag dat de voorraden naar verwachting zullen opbrengen.
Grond- en hulpstoffen (verpakkingsmaterialen en onderdelen) worden gewaardeerd tegen aanschafprijs op basis van de ‘first-in, first-out’ (FIFO)-methode of lagere actuele waarde.
De voorraad gereed product, miniknollen, welke zelf worden geteeld, wordt gewaardeerd tegen vervaardigingsprijs op basis van kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. Dit betreft met name directe personeelskosten.
Bij de waardering van de voorraden wordt rekening gehouden met de eventueel op balansdatum opgetreden waardeverminderingen.
Vorderingen en effecten
De grondslagen voor de waardering van vorderingen en effecten zijn beschreven onder het hoofd Financiële instrumenten. De waardering van alle individuele belangrijke vorderingen worden op individuele basis beoordeeld of er objectieve aanwijzingen zijn voor een bijzondere waardevermindering. Bij individueel niet belangrijke vorderingen geschiedt deze beoordeling op individuele basis.
Liquide middelen
Liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Indien liquide middelen niet ter vrije beschikking staan, wordt hiermee rekening gehouden bij de waardering. In vreemde valuta luidende liquide middelen worden per balansdatum in de rapportagevaluta omgerekend tegen de op die datum geldende wisselkoers. Verwezen wordt verder naar de prijsgrondslagen voor vreemde valuta.
Classificatie eigen vermogen
Financiële instrumenten die op grond van de economische realiteit worden aangemerkt als eigenvermogensinstrumenten, worden gepresenteerd onder het eigen vermogen. Uitkeringen aan houders van deze instrumenten worden in mindering op het eigen vermogen gebracht na aftrek van eventueel hiermee verband houdend voordeel uit hoofde van belasting van de winst.
Financiële instrumenten die op grond van de economische realiteit worden aangemerkt als een financiële verplichting, worden gepresenteerd onder schulden. Rente, dividenden, baten en lasten met betrekking tot deze financiële instrumenten worden in de winst- en verliesrekening verantwoord als kosten of opbrengsten.
Voorzieningen
Een voorziening wordt in de balans opgenomen wanneer er sprake is van:
- een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting die het gevolg is van een gebeurtenis in het verleden;
- waarvan een betrouwbare schatting kan worden gemaakt;
- het waarschijnlijk is dat voor afwikkeling van die verplichting een uitstroom van middelen nodig is.
Indien (een deel van) de uitgaven die noodzakelijk zijn om een voorziening af te wikkelen waarschijnlijk geheel of gedeeltelijk door een derde worden vergoed bij afwikkeling van de voorziening, wordt de vergoeding als afzonderlijk actief gepresenteerd.
Pensioen- en jubileumvoorzieningen
Onder de pensioenvoorziening zijn opgenomen de verplichtingen uit hoofde van pensioenreglementen en vergelijkbare verplichtingen. De voorziening jubilea betreft een voorziening voor toekomstige jubileumuitkeringen. De voorziening betreft de contante waarde van de in de toekomst uit te keren jubileumuitkeringen. De berekening is gebaseerd op gedane toezeggingen, blijfkans en leeftijd.
Zie ook grondslagen personeelskosten en buitenlandse pensioenregelingen en toelichting 10 op de geconsolideerde balans.
Voorziening latente belastingen
Voor de waardering en verwerking van de voorziening latente belastingen wordt verwezen naar de afzonderlijke paragraaf belastingen over de winst of het verlies.
Kortlopende schulden
De waardering van kortlopende schulden is toegelicht onder het hoofdstuk financiële instrumenten.
Opbrengstverantwoording
Indien een overeenkomst een belangrijke financieringscomponent bevat, wordt de transactieprijs aangepast voor de tijdwaarde van geld. De rentevoet die wordt gehanteerd, is de algemeen geldende rente voor een vergelijkbaar financieringsinstrument met een vergelijkbare credit-rating, of de rente die de huidige contante verkoopprijs van de goederen of diensten oplevert. Bij overeenkomsten waarbij de verwachte periode tussen de overdracht van het goed of de dienst en de betaling één jaar of minder is, wordt de financieringscomponent als onbelangrijk beschouwd en niet afzonderlijk onder de financiële baten en lasten verantwoord. Naast de looptijd is de hoogte van de rentevoet een relevante factor voor de bepaling of sprake is van een belangrijke financieringscomponent en kan bij excessieve percentages leiden tot afzonderlijke verantwoording onder de financiële baten en lasten.
Verkoop van pootaardappelen en consumptieaardappelen
Opbrengsten uit de verkoop van goederen worden opgenomen in de netto omzet tegen de reële waarde van de ontvangen of te ontvangen vergoeding, na aftrek van retouren en tegemoetkomingen, handels- en volumekortingen.
Opbrengsten uit de verkoop van aardappelen worden in de winst- en verliesrekening verwerkt wanneer de belangrijke risico’s en voordelen van eigendom aan de koper zijn overgedragen, de inning van de verschuldigde vergoeding waarschijnlijk is, het bedrag van de opbrengst op betrouwbare wijze kan worden bepaald en de hiermee verband houdende kosten of eventuele retouren van aardappelen betrouwbaar kunnen worden ingeschat en er geen sprake is van voortgezette betrokkenheid bij de aardappelen.
De overdracht van risico’s varieert naargelang de voorwaarden van de betreffende verkoopovereenkomst.
Diensten
Opbrengsten uit het verlenen van diensten worden opgenomen in de netto omzet tegen de reële waarde van de ontvangen of te ontvangen vergoeding, na aftrek van tegemoetkomingen en kortingen. Deze opbrengsten worden in de winst- en verliesrekening verwerkt wanneer het bedrag van de opbrengsten op betrouwbare wijze kan worden bepaald, de inning van de te ontvangen vergoeding waarschijnlijk is, de mate waarin de dienstverlening op balansdatum is verricht betrouwbaar kan worden bepaald en de reeds gemaakte kosten en de kosten die (mogelijk) nog moeten worden gemaakt om de dienstverlening te voltooien op betrouwbare wijze kunnen worden bepaald.
Licenties
Licenties worden betaald voor het gebruik van de activa van een onderneming, zoals de rassen door de onderneming zelf ontwikkeld. In het geval de groep handelt ten behoeve van door derden ontwikkelde rassen wordt de bedrijfsopbrengst opgenomen onder aftrek van de doorbetaling aan de rechthebbenden, aangezien de onderneming voor deze licenties geen kredietrisico loopt. Omzet wordt verantwoord als de omvang van de te ontvangen vergoeding betrouwbaar kan worden geschat en de inning ervan waarschijnlijk is.
Subsidies
Subsidies worden aanvankelijk in de balans opgenomen als vooruitontvangen baten zodra er redelijke zekerheid bestaat dat zij zullen worden ontvangen en dat er wordt voldaan aan de daaraan verbonden voorwaarden. Subsidies ter compensatie van gemaakte kosten worden systematisch als opbrengsten in de winst- en verliesrekening opgenomen in dezelfde periode als die waarin de kosten worden gemaakt. Subsidies ter compensatie voor de kosten van een actief worden in mindering gebracht op de kostprijs van het actief en daardoor systematisch in de winst- en verliesrekening opgenomen gedurende de gebruiksduur van het actief.
Kosten uitbesteed werk en andere externe kosten
Hieronder zijn begrepen de direct aan de netto omzet toerekenbare kosten waaronder kosten handelsgoederen, diensten, vracht- en laadkosten en emballage.
Personeelskosten
De beloningen van het personeel worden als last in de winst- en verliesrekening verantwoord in de periode waarin de arbeidsprestatie wordt verricht en, voor zover nog niet uitbetaald, als verplichting op de balans opgenomen. Indien de reeds betaalde bedragen de verschuldigde beloningen overtreffen, wordt het meerdere opgenomen als een overlopend actief voor zover er sprake zal zijn van terugbetaling door het personeel of van verrekening met toekomstige betalingen door de vennootschap.
Een verwachte vergoeding ten gevolge van winstdelingen en bonusbetalingen wordt verantwoord indien de verplichting tot betaling van die vergoeding is ontstaan op of vóór balansdatum en een betrouwbare schatting van de verplichtingen kan worden gemaakt.
Voor de beloningen met opbouw van rechten, winstdelingen en bonussen worden de verwachte lasten gedurende het dienstverband in aanmerking genomen. Op balansdatum wordt hiertoe een verplichting opgenomen.
De verantwoorde verplichting betreft de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de desbetreffende verplichting per balansdatum af te wikkelen. De beste schatting is gebaseerd op contractuele afspraken met personeelsleden (CAO en individuele arbeidsovereenkomst). Toevoegingen aan en vrijval van verplichtingen worden ten laste respectievelijk ten gunste van de winst- en verliesrekening gebracht.
Nederlandse pensioenregelingen
De pensioentoezeggingen zijn ondergebracht bij een pensioenfonds. Deze regeling wordt onder het Nederlandse pensioenstelsel gefinancierd door afdrachten aan een bedrijfstak-pensioenfonds.
De pensioenverplichtingen wordt gewaardeerd volgens de ‘verplichting aan de pensioenuitvoerder benadering’. In deze benadering wordt de aan de pensioenuitvoerder te betalen premie als last in de winst- en verliesrekening verantwoord. Aan de hand van de uitvoeringsovereenkomst wordt beoordeeld of en zo ja welke verplichtingen naast de betaling van de jaarlijkse aan de pensioenuitvoerder verschuldigde premie op balansdatum bestaan.
Deze additionele verplichtingen, waaronder eventuele verplichtingen uit herstelplannen van de pensioenuitvoerder, leiden tot lasten voor de groep en worden in de balans opgenomen in een voorziening. De waardering van de verplichting is de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om deze per balansdatum af te wikkelen. Indien het effect van de tijdswaarde van geld materieel is wordt de verplichting gewaardeerd tegen de contante waarde. Discontering vindt plaats op basis van rentetarieven van hoogwaardige ondernemingsobligaties. Toevoegingen aan en vrijval van de verplichtingen komen ten laste respectievelijk ten gunste van de winst- en verliesrekening.
Ultimo boekjaar 2024/2025 waren er voor de groep geen pensioenvorderingen en geen verplichtingen naast de betaling van de jaarlijkse aan de pensioenuitvoerder verschuldigde premie. De opbouw van de pensioenaanspraken wordt steeds in het betreffende kalenderjaar afgefinancierd door middel van (ten minste) kostendekkende premiebetalingen. De pensioenregeling is een middelloonregeling met voor zowel actieve als inactieve deelnemers (slapers en gepensioneerden) - voorwaardelijke toeslagverlening. De toeslagverlening is afhankelijk van het beleggingsrendement. De jaarlijkse opbouw van de pensioenaanspraken bedraagt 1,788% (2024: 1,788%)van het pensioengevend salaris dat is gebaseerd op het brutoloon minus een franchise EUR 16.655 (2024: EUR 15.816). Het pensioengevend salaris is gemaximeerd op EUR 75.864 (2024: EUR 71.628).
De jaarlijkse premie die voor rekening komt van de werkgever bedraagt 100% van het pensioengevend salaris. De hoogte van de premie wordt jaarlijks vastgesteld door het bestuur van het bedrijfstak-pensioenfonds op basis van de dekkingsgraad en verwachte rendementen.
De dekkingsgraad van het betrokken bedrijfstak-pensioenfonds bedraagt per 30 juni 2025 volgens opgave van het fonds 125,8%. Op basis van het uitvoeringsreglement heeft de groep bij een tekort in het fonds geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen anders dan door hogere toekomstige premies.
Naast de basis pensioenregeling is er ook sprake van een excedent pensioen regeling op basis van een beschikbare premieregeling.
Buitenlandse pensioenregelingen
Pensioenregelingen die vergelijkbaar ingericht zijn en functioneren op de wijze waarop het Nederlandse pensioenstelsel is ingericht en functioneert, met een strikte scheiding tussen de verantwoordelijkheden van en een risicodeling tussen de betrokken partijen (onderneming, fonds en deelnemers), worden verwerkt en gewaardeerd conform Nederlandse pensioenregelingen (zie vorige paragraaf). Voor deze buitenlandse regelingen wordt een beste schatting gemaakt van de per balansdatum bestaande pensioenverplichting. Deze schatting is met name gebaseerd op jaarsalaris en anciënniteit van medewerkers. Deze verplichting wordt vervolgens gewaardeerd op basis van een in Nederland algemeen aanvaardbaar geachte actuariële waarderingsmethodiek.
Leasing
De onderneming kan financiële en operationele leasecontracten afsluiten. Een leaseovereenkomst waarbij de voor- en nadelen verbonden aan het eigendom van het leaseobject geheel of nagenoeg geheel door de lessee worden gedragen, wordt aangemerkt als een financiële lease. Alle andere leaseovereenkomsten classificeren als operationele leases.
Bij de leaseclassificatie is de economische realiteit van de transactie bepalend en niet zozeer de juridische vorm. Als de onderneming optreedt als lessee in een operationele lease, wordt het leaseobject niet geactiveerd. Leasebetalingen inzake de operationele lease worden lineair over de leaseperiode ten laste van de winst- en verliesrekening gebracht.
De onderneming is alleen operationele leasecontracten aangegaan.
Rentebaten en -lasten
Rentebaten worden verantwoord in de periode waartoe zij behoren, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de desbetreffende actiefpost. Rentelasten en soortgelijke lasten worden verantwoord in de periode waartoe zij behoren.
Belasting
Belastingen omvatten de over de verslagperiode verschuldigde en verrekenbare winstbelastingen en latente belastingen. De belastingen worden in de winst- en verliesrekening opgenomen, behalve voor zover deze betrekking hebben op posten die rechtstreeks in het eigen vermogen worden opgenomen, in welk geval de belasting in het eigen vermogen wordt verwerkt.
De over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare belasting is de naar verwachting te betalen belasting over de belastbare winst over het boekjaar, berekend aan de hand van belastingtarieven die zijn vastgesteld op verslagdatum, dan wel waartoe materieel al op verslagdatum is besloten, en eventuele correcties op de over voorgaande jaren verschuldigde belasting.
Indien de boekwaardes van activa en passiva ten behoeve van de financiële verslaggeving afwijken van hun fiscale boekwaardes, is sprake van tijdelijke verschillen. Voor belastbare tijdelijke verschillen wordt een belastinglatentie getroffen. De latente belastingvorderingen worden opgenomen onder de financiële vaste activa, waarbij het kortlopende gedeelte wordt toegelicht.
Voor verrekenbare tijdelijke verschillen, beschikbare voorwaartse verliescompensatie en nog niet gebruikte fiscale verrekeningsmogelijkheden wordt een latente belastingvordering opgenomen, maar uitsluitend voor zover het waarschijnlijk is dat er in de toekomst fiscale winsten beschikbaar zullen zijn voor verrekening respectievelijk compensatie. Latente belastingvorderingen worden per iedere verslagdatum herzien en verlaagd voor zover het niet langer waarschijnlijk is dat het daarmee samenhangende belastingvoordeel zal worden gerealiseerd. Voor belastbare tijdelijke verschillen inzake groepsmaatschappijen, buitenlandse niet-zelfstandige eenheden, deelnemingen en joint ventures wordt een latente belastingverplichting opgenomen tenzij de onderneming in staat is het tijdstip van afloop van het tijdelijke verschil te bepalen en het waarschijnlijk is dat het tijdelijke verschil in de voorzienbare toekomst niet zal aflopen.
Voor verrekenbare tijdelijke verschillen inzake groepsmaatschappijen, buitenlandse niet-zelfstandige eenheden, deelnemingen en joint ventures wordt een latente belastingvordering opgenomen uitsluitend voor zover het waarschijnlijk is dat het tijdelijke verschil in de voorzienbare toekomst afloopt en er fiscale winst beschikbaar zal zijn ter compensatie van het tijdelijk verschil. Latente belastingverplichtingen en latente belastingvorderingen worden gebaseerd op de fiscale gevolgen van de door de vennootschap op balansdatum voorgenomen wijze van realisatie of afwikkeling van zijn activa, voorzieningen, schulden en overlopende passiva. Latente belastingvorderingen en -verplichtingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
Aandeel in resultaat van ondernemingen waarin wordt deelgenomen
Het aandeel in het resultaat van ondernemingen waarin wordt deelgenomen omvat het aandeel van de groep in de resultaten van deze deelnemingen, bepaald op basis van de grondslagen van de groep. Resultaten op transacties, waarbij overdracht van activa en passiva tussen de groep en de niet-geconsolideerde deelnemingen en tussen niet-geconsolideerde deelnemingen onderling heeft plaatsgevonden, zijn niet verwerkt voor zover deze als niet gerealiseerd kunnen worden beschouwd. De resultaten van deelnemingen die gedurende het boekjaar zijn verworven of afgestoten worden vanaf het verwervingsmoment respectievelijk tot het moment van afstoting verwerkt in het resultaat van de groep.
Kasstroomoverzicht
Het kasstroomoverzicht is opgesteld op basis van de indirecte methode. Kasstromen in buitenlandse valuta’s zijn herleid naar euro’s met gebruikmaking van de gewogen gemiddelde omrekeningskoersen voor de betreffende periodes.
De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit de liquide middelen en beleggingen die zonder beperkingen en zonder materieel risico van waardeverminderingen als gevolg van de transactie kunnen worden omgezet in geldmiddelen.
Kasstromen in vreemde valuta zijn omgerekend tegen een geschatte gewogen gemiddelde koers van de verslagperiode/de koers op de datum dat de transacties hebben plaatsgevonden. Koersverschillen inzake geldmiddelen worden afzonderlijk in het kasstroomoverzicht getoond.
Ontvangsten en uitgaven uit hoofde van interest, ontvangen dividenden en winstbelastingen zijn opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten. Betaalde dividenden zijn opgenomen onder de kasstroom uit financieringsactiviteiten.
De verkrijgingsprijs van de verworven groepsmaatschappij is opgenomen onder de kasstroom uit investeringsactiviteiten, voor zover betaling in geld heeft plaatsgevonden. De in de verworven groepsmaatschappij aanwezige geldmiddelen zijn van de aankoopprijs in aftrek gebracht.
Transacties waarbij geen ruil van kasmiddelen plaatsvindt, waaronder financiële leasing, zijn niet in het kasstroomoverzicht opgenomen. De betaling van de leasetermijnen uit hoofde van het financiële leasecontract zijn voor het gedeelte dat betrekking heeft op de aflossing als een uitgave uit financieringsactiviteiten aangemerkt en voor het gedeelte dat betrekking heeft op de interest als een uitgave uit operationele activiteiten.
Kasstromen uit financiële afgeleide instrumenten die worden verantwoord als reële waarde-hedges of kasstroom-hedges worden in dezelfde categorie ingedeeld als de kasstromen uit de afgedekte balansposten. Kasstromen uit financiële derivaten waarbij hedge accounting niet langer wordt toegepast, worden consistent met de aard van het instrument ingedeeld, vanaf de datum waarop de hedge accounting is beëindigd.
Verbonden partijen
Transacties met verbonden partijen worden toegelicht voor zover deze niet onder normale marktvoorwaarden zijn aangegaan. Van deze transacties wordt de aard en de omvang van de transactie en andere informatie die nodig is voor het verschaffen van inzicht toegelicht.
Gebeurtenissen na balansdatum
Gebeurtenissen die nadere informatie geven over de feitelijke situatie per balansdatum en die blijken tot aan de datum van het opmaken van de jaarrakening worden verwerkt in de jaarrekening. Gebeurtenissen die geen nadere informatie geven over de feitelijke situatie per balansdatum worden niet verwerkt in de jaarrekening. Als dergelijke gebeurtenissen van belang zijn voor de oordeelsvorming van de gebruikers van de jaarrekening, worden de aard en de geschatte financiële gevolgen ervan toegelicht in de jaarrekening.